Stephan Wetzels
Denken en Zijn

De Studeerkamersessies

Foto's genomen op 26/11/2016. Nikon D5100, Tamron 18-200mm lens. Zonder flits. Nabewerking: Nik Silver effects pro 2/contrast, ruis en lichtsterkte.

Stephan Wetzels met vleugje ironie Stephan Wetzels Studeerkamer II  

De belangrijkste filosofische boeken van de 20e eeuw

Wat zijn de belangrijkste filosofische boeken van de 20e eeuw? Afgelopen week kreeg ik het idee om niet alleen een korte studie te doen naar die belangrijke wijsgerige werken, maar ook om op zoek te gaan naar de achtergronden bij de eerste uitgaven. Met, misschien uiteindelijk als doel, een zo compleet mogelijke verzameling aan te leggen van eerste edities verschenen in de 20e eeuw. Sommige werken zullen buiten bereik liggen, maar met enige handigheid zou het moeten lukken om de meeste boeken in bezit te krijgen. Kortom: de zoektocht is begonnen en project ‘The search for the origins of knowledge’ is officieel van start. Verwachte einddatum: juli 2025.

Een mogelijke lijst

Er zijn vele verschillende manieren te bedenken hoe tot een lijst te komen van belangrijkste filosofische boeken. Welke manier ik ook zou gebruiken, allemaal hebben ze hetzelfde nadeel: het probleem van de subjectiviteit. Toch denk ik dat het mogelijk is om een redelijke onomstreden lijst samen te stellen. Met in ieder geval een duidelijke top 5 zonder al te veel discussie.

Als startpunt neem ik een onderzoek dat in december 1999 is verricht door Douglas Lackey. Lackey stuurde 5000 e-mails naar filosofen in Noord-Amerika, waarvan er 4000 daadwerkelijk aankwamen en waarop 414 ingevulde formuleren geretourneerd werden. De respondenten moesten onder andere de vijf belangrijkste filosofische werken noemen. Hoewel belangrijk en invloedrijk vaak samengaan, was het expliciet de bedoeling dat de respondenten de naar hun idee belangrijkste werken opgaven. Onderaan is een link naar het onderzoek bijgevoegd.

De volgende lijst is door mij samengesteld op basis van dat onderzoek. In de lijst staat naast de originele titel, zover ik dat gevonden heb ook de beschikbare Nederlandse vertaling en een verwijzing naar een Engelse of Nederlandse Wikipedia-pagina met informatie over het betreffende boek. Via Abebooks heb ik gezocht naar de oorsprong van het werk en de uitgever.

Auteur Originele titel Moderne Nederlandse vertaling beschikbaar? Uitgever en jaar van verschijnen
1. Ludwig Wittgenstein
Oostenrijker
Philosophische Untersuchungen Filosofische onderzoekingen Oxford, Basil Blackwell, 1953
2. Martin Heidegger
Duitser
Sein und Zeit Zijn en tijd Halle, Max Niemeyer, 1927
3. John Rawls
Amerikaan
A Theory of Justice Een theorie van rechtvaardigheid The Belknap Press of Harvard University Press, Cambridge, 1971
4. Ludwig Wittgenstein
Oostenrijker
Tractatus Logico-Philosophicus Logisch filosofisch tractaat Kegan Paul Trench Trubner & Co., London, 1922
5. Bertrand Russell & Alfred Norton Whitehead
Britten
Principia Mathematica Cambridge, at the University Press, 1903
6. W.V.O Quine
Amerikaan
Word and Object (Uk) N.Y., Wiley & Sons, 1960
7. Saul Kripke
Amerikaan
Naming and Necessity (Uk) Dordrecht (1972). En: Harvard University Press, 1980.
8. Thomas Kuhn
Amerikaan
The Structure of Scientific Revolutions De structuur van wetenschappelijke revoluties Chicago & London: University of Chicago Press, 1962
9. Jean-Paul Sartre
Fransman
L’être et le néant: Essai d’ontologie phenomenologique Het zijn en het niet; proeve van een fenomenologische ontologie Paris, nrf, Librairie Gallimard, 1943.
10. Alfred Norton Whitehead
Brits Amerikaan
Process and Reality (Uk) Cambridge, Cambridge University Press, 1929. (Macmillan?)
11. A.J.  Ayer
Brit
Language, Truth & Logic (Uk) Gollancz, London, 1936
12. John Dewey
Amerikaan
Experience and Nature W. W. Norton & Co., NY, 1929.
13. Maurice Merleau-Ponty
Fransman
Phénoménologie de la perception (Uk) Fenomenologie van de ervaring P., Gallimard, 1945
14. George Edward Moore
Brit
Principia Ethica Cambridge: at the University Press, 1903
15. William James
Amerikaan
Pragmatism. A New Name for Some Old Ways of Thinking London: Longmans, Green, 1907
16. Alisdair MacIntyre
Brit
After Virtue Duckworth en Co. Londen.Notre dame, in univ of notre dame press pub 1981 (1e USA).
17. Edmund Husserl
Duitser
Logische Untersuchungen  Max Niemeyer 1900 + 1901, Halle a. S., 1900
18. Edmund Husserl
Duitser
Ideen zu einer reinen Phänomenologie und phänomenologischen Philosophie Halle, Max Niemeyer, 1913
19. Simone de Beauvoir
Française
Le Deuxième Sexe De tweede sekse Gallimard, Paris, 1949
20. Herbert Hart
Brit
The Concept of Law Oxford, Clarendon Press, 1961

Enkele kanttekeningen

Op de eerste plaats valt op dat van deze 20 boeken, er slechts acht in het Nederlands geheel zijn vertaald. Van enkele boeken zijn hier en daar wel fragmenten te vinden in overzichten.

Wat verder opvalt is de hoge notering van John Rawls, wat waarschijnlijk te verklaren is door de Amerikaanse achtergrond van de respondenten. Lackey stelt zichzelf ook de vraag of indien hij Europese respondenten had gehad, dit had geresulteerd in een hoge notering voor Rawls. Ik denk van niet, ondanks het feit dat Rawls ook in Europa behoorlijk veel invloed heeft gehad op het politieke filosofische debat. Met zeven hoofdwerken van Amerikanen in de top 20, is het wel duidelijk dat hier de Amerikaanse achtergrond van respondenten een duidelijke stempel drukt op het oordeel.

Een vergelijking vanuit een ander perspectief

In het werk De twintigste eeuw in veertien filosofische boeken uit 2009 onder redactie van René Gabriels bespreken 14 hedendaagse Nederlandse auteurs allemaal een boek dat antwoord geeft op de vraag welke filosoof zijn stempel heeft gedrukt op de 20e eeuw en welke boeken we moeten blijven lezen omdat ze buitengewoon invloedrijk zijn (geweest). De invloed die zij tot nog toe hebben uitgeoefend op de filosofie is heel nadrukkelijk als uitgangspunt gebruikt. Een iets ander criterium dan in het onderzoek van Lackey, maar ik denk dat het in de praktijk vaak op hetzelfde neerkomt.

Omdat hier 14 boeken worden besproken, vergelijk ik de top 14 van Lackey met de 14 genoemde boeken uit Gabriels.

Auteur Originele titel In Gabriels?
1. Ludwig Wittgenstein Philosophische Untersuchungen Ja
2. Martin Heidegger Sein und Zeit Ja
3. John Rawls A Theory of Justice Ja
4. Ludwig Wittgenstein Tractatus Logico-Philosophicus Nee
5. Bertrand Russell & Alfred Norton Whitehead Principia Mathematica Nee
6. W.V.O Quine Word and Object (Uk) Ja
7. Saul Kripke Naming and Necessity (Uk) Nee
8. Thomas Kuhn The Structure of Scientific Revolutions Nee
9. Jean-Paul Sartre L’être et le néant: Essai d’ontologie phenomenologique Ja
10. Alfred Norton Whitehead Process and Reality (Uk) Nee
11. A.J.  Ayer Language, Truth & Logic (Uk) Nee
12. John Dewey Experience and Nature Nee
13. Maurice Merleau-Ponty Phénoménologie de la perception (Uk) Nee
14. George Edward Moore Principia Ethica Nee

Uitgaande van een top 14, komen vijf boeken overeen. Het is overigens begrijpelijk dat in De twintigste eeuw in veertien filosofische boeken om praktische redenen voor één hoofdwerk van Wittgenstein is gekozen. Daarmee is dus gezegd dat de Tractatus normaal gesproken wel degelijk bij invloedrijkste boeken zou horen.

Het is dus in ieder geval de eeuw geweest van de taalfilosofie en de analytische filosofie, met in die schreden de ethiek en de wetenschapsfilosofie.

In een volgende bijdrage aandacht voor de boeken die hier door velen worden gemist.

-Wordt dus ooit vervolgd-

Notes:
Onderzoek van Lackey: Lackey-What-are-the-modern-classics

Link naar beschikbare uitgaven via Abebooks, volgens de top 20 van Lackey:

  1. 1
  2. 3
  3. 4
  4. 5
  5. 6
  6. 8
  7. 9
  8. 10
  9. 11
  10. 12
  11. 13
  12. 14
  13. 15
  14. 17
  15. 18
  16. 19
  17. 20

 

Het verhaal van een boek

Te midden van generaties die leven met het idee dat de digitale wereld de voornaamste realiteit in zich draagt, is er weinig ruimte voor de waarde van ‘het tastbare’. De teloorgang van Polare is daarom niet alleen een teken aan de wand voor het papieren boek, maar het is bovenal een uiting van de verdere culturele omslag richting een totale vervlakking.

Het papieren boek is echter wel de kroon van de beschaving van dat oude tijdperk, waarin het tastbare het werkelijke was. Maar alles van waarde is weerloos. De oude waarde van het werkelijke die laag voor laag is afgepeld door de mens die volgroeid is met zijn mobiel, is ingeruild voor het vluchtige. Het vluchtige dat een spanningsboog heeft van enkele minuten, het vluchtige dat alles binnen handbereik moet hebben.

Het echte boek is daarom de vijand van het vluchtige: het vraagt namelijk afstemming, het vraagt rust en contact. Contact dat begint met die eerste ontmoeting: schuifelend tussen  liefhebbers op het krakende hout is daar een eerste aanraking. Daar begint ook het verhaal. Het verhaal van het lezen, maar ook het verhaal van het boek.

‘Ik kocht dat boek toen het buiten stortregende. Ik struinde rond, bladerde in onbekende werken, en toen viel mijn oog op dat ene boek. Het was mijn eerste kennismaking met gedachten die ik al zo lang wenste maar zelf nooit zo denken kon.’

De harde kaft is een kunstwerk, het bladeren is onvervangbaar en het echte boek heeft de bijzondere schoonheid dat men er enkel maar in lezen kan….

Misschien klinkt dit voor iemand die dag in dag uit al slepend met zijn vinger achter een glazen schermpje doorbrengt, als romantisch gemijmer. Misschien klinkt het in die oren als een stuiptrekking van een melancholicus die niet accepteert dat het tastbare dood is. Maar ik geloof dat de liefde voor het echte boek, de liefde voor het verhaal en de verhouding die dat met zich meebrengt niet is verdwenen bij deze mens. Klikkend van de ene naar de andere kruimel, is het verlangen naar het authentieke namelijk niet vernietigd, maar enkel bedolven. Het is bedolven onder de verleidelijke gedachteloosheid die schuilt in dat schaduwbeeld wat men in zijn hand heeft.

De ironie wil dat ik dit schrijf op een vluchtig medium. Daarom eindigt hier al mijn tekst. Er moet immers verder worden gesurft op een niet bestaande golf. Er moet een gesprek worden gevoerd met iemand anders achter zijn schermpje. ‘Een flauwe cynische tekst las ik zojuist…’

Iedereen die echter tot hier is gekomen, en graag verder had willen lezen: haal die ongelukkige uit zijn sluimer en ga eens bij wijze van verrassing een middag met hem struinen in de kelders van die ene boekenzaak. Het is waarschijnlijk het begin van een nieuw verhaal.

Filosofische kruimels VII

Voor de filosofiekalender van het filosofiemagazine, verschenen in 2013 weer 12 kruimels van mijn hand. Voor wie ze gemist heeft, boven zijn bed wenst te hangen of gewoon nog eens na wil lezen, hier de teksten integraal. Deel VII van VIII.

Ode aan het boek

‘Boeken bezitten zonder ze te lezen is als vruchten bezitten op een schilderij.’
Diogenes van Sinope (404-323 V.Chr.)

Een beetje filosoof heeft een eigen bibliotheek. Zorgvuldig opgebouwd in de loop der jaren. Samengesteld op basis van wikken en wegen. Al struinend op de markt dat lang gezochte exemplaar meenemend om het toe te voegen aan de reeks die reeds in het bezit was….

Jacques Bonnet schrijft in Een boekenkast vol geesten (2009) gepassioneerd over de liefde voor het boek, en gaat uiteraard in op die onvermijdelijke vraag die de trotse boekenbezitter moet overwinnen: ‘heeft u ze allemaal gelezen?’ Het antwoord is duidelijk: ‘nee, natuurlijk niet!’ Sommige boeken blader je alleen door, andere heb je omdat ze iets waard zijn, er speciale herinneringen mee samenhangen of omdat het een eerste druk betreft. Andere boeken zijn weer bedoeld als naslagwerk, of als cadeau. Dat is dus ook het plezierige van een bibliotheek, je hoeft niet alles te hebben gelezen om er toch blij mee te zijn en het waardevol te vinden. Net zoals de vruchten op het schilderij: je bezit de vruchten niet werkelijk, maar het blijft een prachtig gezicht.

©Veenmedia.nl
________________________

Een beetje feminisme

‘Ik geloof dat een vrouw zich moeten hoeden voor de valkuil van moederschap en huwelijk’
Simone de Beauvoir in: Alice Schwarzer. Gesprekken met Simone de Beauvoir. (1983)

(Radicaal) Feminisme lijkt een curiositeit te zijn geworden. Welke jonge vrouw zou op dit moment nog lid willen worden van bijvoorbeeld de Liga voor de rechten van de vrouw, zoals deze is opgericht in 1974 door De Beauvoir? Demonstreren voor vrije abortus hoeft niet meer, de beroemde feministenbijbel “de tweede sekse” wordt nauwelijks nog gelezen en moederschap en huwelijk zijn over het algemeen toch geen valkuil meer te noemen. Het beeld van de vrouw als object, dienstbaar voor de man, lijkt in onze vrije westerse samenleving definitief achtergelaten. Wie daarom de interviews leest van De Beauvoir uit de jaren 60 en 70, stapt haast letterlijk in een andere wereld. Slechts 7% van de vrouwen neemt de pil, ze moeten genoegen nemen met baantjes als secretaresse en zijn vrijwel nooit directeur.

‘Moederschap komt in de huidige samenleving neer op slavernij en is een lelijke valstrik.’ stelt De Beauvoir. ‘Vaders en de maatschappij laten vrouwen praktisch alleen voor de kinderen opdraaien, terwijl niemand zich daar om bekommerd, omdat we leven in een mannenmaatschappij. De huisvrouw van 35 is min of meer verloren!’ Toch is het dankzij Simone, dat ook vrouwen hier nu om zouden moeten kunnen gniffelen. Of is dat een typische mannenopmerking?

©Veenmedia.nl
________________________

Het idee van een Universiteit

‘De opvatting van een universiteit waarvan ik hierna uitga is deze: dat het een plaats is om universele wetenschap te doceren.’
John Henry Newman in The idea of a University (1852)

In de buitengewoon invloedrijke lezingen die Newman (1801-1890) hield toen hij een universiteit stichtte, en later bundelde tot één werk, maakt hij een strikte scheiding tussen onderwijs en onderzoek. Volgens hem bestaan er andere instellingen die veel beter dan de universiteit geschikt zijn om wetenschappelijk onderzoek te stimuleren. Vrijwel alle grote ontdekkingen zijn volgens Newman buiten de universiteit gedaan. Het doel van een universiteit is niet talent, aanleg en wetenschap als zodanig te bevorderen, maar eerder toe te zien op het geestelijk welzijn, de invloed en de bruikbaarheid van diegenen die de universiteit bevolken en haar het bestaan verlenen: de studenten. Vandaar dat de universiteit volledig voor hen in dienst moet staan.

Als we kijken naar de hedendaagse universiteiten lijkt Newmans visie het te hebben verloren van die van Von Humboldt. Toch is zijn fundamentele kritiek actueel. De universiteit is een markt geworden waar het gaat om presteren, zoveel mogelijk artikelen publiceren, het nieuws halen en fondsen werven. Verschillende takken van wetenschap staan onder druk en verdwijnen omdat ze niet ‘rendabel’ zijn. Faculteiten zijn onafhankelijke eilandjes, alwaar de bewoners vooral bezig zijn hun eigen zaakjes te beschermen. De universiteit lijkt zich zo definitief van het universitaire te willen ontdoen.

©Veenmedia.nl
________________________

Abonneren


 

Verschenen

Copyright 2017 Stephan Wetzels © All Rights on texts Reserved